De Filmkrant: DE STAND VAN DE ZON

Volgens regisseur Leonard Retel Helmrich moet zijn documentaire De stand van de zon, over het leven in Indonesië, in de eerste plaats als speelfilm worden bekeken. De stand van de zon gaat deze maand in première in DocuZone.

Leonard Retel Helmrich (foto: André Bakker)

“Ik heb nooit echt een band gevoeld met Indonesië”, zegt Leonard Retel Helmrich. Die uitspraak past niet bij iemand die na vier jaar filmen een documentaire over het leven in dat land heeft afgerond. Terwijl hij het zegt, kijken zijn in Indonesië geboren en getogen ouders vanaf fotolijstjes over zijn schouder mee: een blanke vader (van Frans-Duitse komaf, verantwoordelijk voor de exotisch klinkende familienaam) en een Indonesische moeder. Na de onafhankelijkheid werden ze in 1957 gedwongen terug te keren naar Nederland, vanwaar een voorvader ooit met een VOC-schip naar de Oost vertrok. Retel Helmrich werd in Tilburg geboren, in 1959. Indonesië had voor hem geen bijzondere betekenis. Tot 1990. “Dat jaar werd ik gevraagd het camerawerk te doen voor een film over een uitwisseling van Molukkers naar Nederland en Indonesië. Ik ontdekte meteen twee dingen die ik met de Indonesiërs deelde: De Donald Duck-achtige grappen, woordspelingen en die chaos in het verkeer. Ik voel me daarin thuis. Ik hou ervan om overal tussendoor te glippen, gebruik te maken van elk gaatje in het verkeer.”
Dat Retel Helmrich een talent heeft om kleine ruimtes te benutten, is terug te zien in De stand van de zon. Daarin volgt hij hoe een eenvoudig gezin, bestaande uit de 60-jarige moeder Rumidjah en haar twee volwassen zoons Bakti en Dwi, in Jakarta aan de kost komt. Hun dagelijks leven schetst hij tegen de achtergrond van de politieke spanningen in het land, met als hoogtepunt het aftreden van president Soeharto in mei 1998. Retel Helmrich beweegt zich met zijn camera regelmatig in de nauwe strook niemandsland tussen woedende demonstranten en nerveuze oproerpolitie. Vaker nog wurmt hij zich tussen de aanhangers van de beide groepen door, en soms lijkt het zelfs of hij er even boven zweeft. Die camerabewegingen zijn voor Retel Helmrich van cruciaal belang. “In plaats van te zoomen, beweeg ik zelf met de camera naar de actie toe. Dat geeft me de mogelijkheid om bijvoorbeeld een duikvluchtbeweging te maken. Ik wil onderdeel uitmaken van de gebeurtenis. Als mensen op mij reageren, reageer ik daar weer op met een camerabeweging.”
Retel Helmrich liet zich in zijn aanpak inspireren door filmtheoreticus André Bazin, en dan vooral diens opvattingen over de beperkingen van montage. “Ik ben het met hem eens dat montage eigenlijk de evolutie van film als kunstvorm heeft belemmerd. Want zodra je snijdt is een shot éénduidig. Wat je wilt vertellen, is daarmee afgekaderd. Ik probeer het denken in shots te vermijden. Dat lukt door te denken in bewegingen. Daarmee kom je een stuk verder; het levert bovendien persoonlijkere films op.”
Op cameragebied is Retel Helmrich een self made man. In 1986 studeerde hij af aan de Filmacademie in regie, scenario en montage. Hij werkte daarna als assistent-regisseur en editor mee aan enkele films van Pim de la Parra. Dat zette hem aan tot het maken van zijn speelfilmdebuut Het Phoenix mysterie (1990), “een door de escapades van de minimal movie geïnspireerde film”. Meer succes had hij met Moving objects (1991), een portret van zes ongebruikelijke theatergroepen, waaronder een poppentheater.
Retel Helmrich zegt zo’n tachtig procent van De stand van de zon te hebben gedraaid zonder door de lens te kijken. “Toen ik tien jaar geleden Moving objects draaide, heb ik daar op een gegeven moment voor geoefend. De lens van de camera verving ik door een zaklamp. Zo kon ik zonder door de zoeker te kijken, toch weten waar ik op richtte. Met die kennis maak ik nu bijvoorbeeld crane-shots met mijn armen; de camera houd ik zo hoog mogelijk boven mijn hoofd.”

Wraak
Dat De stand van de zon is gerealiseerd, mag een wonder heten. Tijdens de researchfase, in 1995, werd Retel Helmrich in Indonesië opgepakt toen hij een studentendemonstratie filmde. Omdat hij Nederlander was, en misschien wel geholpen door het aanstaande staatsbezoek van de koningin in verband met de vijftigjarige onafhankelijkheid, kwam hij na vier dagen met de schrik vrij. Later hoorde hij dat de student die zijn tas droeg was gemarteld. Retel Helmrich werd op het vliegtuig gezet als persona non grata; een status die destijds achttien jaar opgeld deed. Dankzij de inspanningen van een broer, die eerder contact met de autoriteiten had over zijn vrijlating, kon Retel Helmrich niettemin in 1996 het land weer in. De man die onder het regime van Soeharto het land werd uitgeschopt, was op tijd terug om de ondergang van datzelfde regime op film te registreren. Retel Helmrich: “Ik vond dat wel een mooi soort wraak.”
Wie de nodige kennis over Indonesië ontbeert, zal het niet altijd even makkelijk hebben om te volgen wat er in De stand van de zon precies aan zijn oog voorbij trekt. Retel Helmrich: “Ik vind de hoofdpersonen in de film van groter belang dan de precieze politieke context waarin ze leven. Er is een gele [Golkar, red.] en een rode partij [PDI, red.] en daartussen vindt een soort clash plaats. Dat zal iemand die Soekarno (de eerste president van de Republiek Indonesië, red.) niet herkent ook wel begrijpen.” En de bedelaar die tussen de auto’s rondwaart, hoe komt die aan zijn vervormde been? Leonard Helmrich: “Ik heb het hem nooit gevraagd. Het gaat mij er niet om hóe hij invalide is geraakt, maar dát hij invalide is en toch zijn draai weet te vinden in de maatschappij. Het gaat me om de schoonheid van die man. De manier waarop hij zich beweegt, dat is een soort dans. Ik heb de camera een stukje met hem mee laten dansen.”
Retel Helmrichs advies voor kijkers die met dit soort vragen kampen: “Het is gemakkelijker om naar De stand van de zon te kijken alsof het een speelfilm is. Dan accepteer je de dingen die er gebeuren. Pas aan het slot zie je de verbanden en weet je dat de dingen allemaal met elkaar te maken hebben.”
Als De stand van de zon een emotie losmaakt bij de kijker, is dat het dubbele gevoel dat het leven in Jakarta, ondanks de politieke veranderingen, al die tijd hetzelfde is gebleven. Retel Helmrich: “Het is nog erger: er is nooit iets veranderd, behalve het perspectief, de lichtinval, de stand van de zon.”

Karin Wolfs

Lees het artikel ook op:

De Filmkrant: DE STAND VAN DE ZON

terug naar overzicht